<p>Jan Groenendijk kan na zijn vierde plaats op het WK nog lachen.</p>

Jan Groenendijk kan na zijn vierde plaats op het WK nog lachen.

Jan Groenendijk weer vierde op WK

“Ik baal maar ben ook héél tevreden’”

‘Kinderachtig en onterecht” noemt Jan Groenendijk de bakken kritiek die de vijf Nederlandse finalisten op het wereldkampioenschap dammen op internet over zich kregen uitgestort. Zij zouden collectief hebben gefaald, hijzelf met zijn vierde plaats incluis. Verontwaardigd: “Ik heb juist héél goed gespeeld. Sterker nog, ik heb dit WK een grote stap in mijn ontwikkeling gezet. Ik ben een completere dammer geworden. Zowel positioneel als ook door m’n verbeterde tijdverdeling. Dit was technisch m’n beste toernooi ooit. Hoewel ik baal dat ik geen wereldkampioen ben geworden vind ik daarom toch dat ik héél tevreden mag zijn”, aldus JG Superstar die zijn Russische WSDV-clubgenoot Alexander Schwarzman (53) voor de vijfde keer kampioen zag worden. De Rus Alexander Getmanski en Roel Boomstra moesten met zilver en brons genoegen nemen.

Het was hard, heel hard werken daar in de Estse hoofdstad Tallinn. Eerst in nog geen week negen voorrondepartijen afwerken met liefst drie dubbele ronden op een dag. “Dat gaat niet in je koude kleren zitten. Maar het ging héél goed en ik scoorde net als Roel (Boomstra) en Martijn (van IJzendoorn) veertien punten. Dat had ik niet durven dromen”.

In de finale begon de sterspeler van de Wageningse ereklasser WSDV met drie remises tegen landgenoten. Zijn puntendeling met Roel Boomstra zag er benauwder uit dan die was, want hij zag de geforceerde reddende variant al van te voren aankomen. De eerste teleurstellingen kwamen de volgende dag tegen de Rus Nicolay Gergomenov en de Ivoriaan Joël Atse.”Die Rus speelde ik weg. Ik had het in het middenspel al beter kunnen doen maar in het eindspel vergooide ik in tijdnood in één zet de winst. ‘s Middags speelde ik weer een heel goede partij maar gaf onnodig mijn voordeel weg. Een van mijn grootste doelen was mijn tijdverdeling beter op orde te krijgen. Daardoor speelde ik snel een paar keer op intuïtie maar dat waren niet altijd de beste zetten. Ik scoorde ik die dag slechts twee punten terwijl het er vier hadden kunnen zijn”.

Foutloos

Op de volgende rustdag kon hij zijn hoofd leeg maken met zwemmen in de Oostzee en zat vervolgens met een fris hoofd opgeladen tegenover de Letse grootmeester Raimundis Vipulis, die in grootse stijl de afgrond werd ingeduwd. “Ik verwachtte dat hij niet echt wilde dammen maar ik wist hem met succes te verleiden tot heel spannend spel. Zoals meestal bij mij het geval is raak ik na een eerste overwinning op stoom. Tegen de Kameroenees Christian Niami speelde ik echt een foutloze partij. Ik deed achteraf althans allemaal zetten die de computer ook zou hebben gedaan”.

De vijfdejaars student natuur- en sterrenkunde (“Ik heb net mijn bachelor gehaald”) leek op weg naar de wereldtitel die hem in 2015 pas op de allerlaatste zet zou ontglippen. In de voorlaatste ronde wachtte hem de Rus Alexander Getmanski. Eerlijk: “Ïk heb nooit zo veel moeite met hem, zijn spel ligt me wel. Ik maakte me in een spannende en creatieve partij ten onrechte geen zorgen waarna hij me heeft ingemaakt. Hij heeft het gewoon veel beter gezien dan ik, had een beter begrip van de stand. Pijnlijk, maar wel een leerzame partij”.

Kussens

Met kussens gooien, een huilpartij, een telefoontje met moeder Hanneke en een goed gesprek met coach Rik Keurentjes brachten Groenendijk weer terug bij de les. In de slotronde stond Alexander Schwarzman op het programma en bij winst zou Groenendijk – achteraf – toch nog wereldkampioen zijn geweest. Vanaf de tweede zet was al duidelijk dat de Russische oude rot met remise tevreden was, hoewel Roel Boomstra hem nog voorbij zou kunnen gaan. Groenendijk, onlangs voor het eerst overtuigend Neêrlands beste, probeerde nog ijzer met handen te breken maar het was ijdele hoop. “Hij zat me tijdens de partij telkens aan te kijken maar ik dacht lekker doorspelen hoewel ik helemaal niets had”. WSDV kreeg met Schwarzman dus toch nog z’n wereldkampioen, die dit WK wel heel erg het geluk aan zijn kont had hangen. “Roel (Boomstra) was de beste en ook met Getmanski had ik wel kunnen leven”.

.Over twee jaar – mogelijk in Wageningen? – krijgt Jan Groenendijk na een tweede en twee keer een vierde plaats een nieuwe WK-kans. “In mijn ontwikkeling zit nog steeds een stijgende lijn. Hopelijk zit het een keer mee, net als bij Schwarzman nu. Het zat toch een keer moeten gaan lukken….”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden