Logo stadwageningen.nl


Foto: Johan Mulder

Wageningse Weemoed

Door Willem Straatman

Het was warm de laatste tijd. Inderdaad een open deur... maar wie heeft die tijdens die soms bijna tropische dagen van vorige maand niet regelmatig een raam open gezet. Ik had dan nog het geluk dat ik met de pinksterdagen was uitgenodigd om naar Schiermonnikoog te komen. Daar was het ook warm, maar waaide het toch nog wat door. Ik hou van Schier... een lekker rustig eiland. Een beetje nog de relaxte sfeer van vroeger. Prachtige natuur waar je heerlijk kunt wandelen of rustig liggend vanuit een duinpan het eeuwige spel van eb en vloed kunt bekijken. Duinpannen bieden in de keuken van het leven vele mogelijkheden. Zorg echter wel voor bijvoorbeeld genoeg zonneolie. Voor je het weet zit je op de blaren en met de gebakken peren. Schiermonnikoog biedt net als de andere Waddeneilanden tal van mogelijkheden om gezellig een glaasje te drinken of bijvoorbeeld een harinkje te happen. Omdat er nauwelijks auto's op het eiland zijn is het er voor wandelaars en fietsers goed toeven. Het viel me op, dat de meeste mensen daar zich op de fiets stukken veiliger gedragen dan in mijn geliefde Wageningen. Kinderen hoeven dan ook minder bang te zijn om aangereden te worden door op hun smartphone kijkende dombo's. Maar misschien komt dat ook wel omdat het niet handig is je smartphone mee te nemen naar het strand.

Langs het water werd ik door pootje badende kinderen herinnerd aan mijn jeugd. Niet dat we toen op vakantie gingen. Net als bij veel andere gezinnen was daar in de vijftiger jaren geen geld voor. Nee... wij gingen op warme zondagmiddagen pootje baden in de Renkumse beek. Achter op de fiets bij pa of ma en vooruit met de geit. Ondanks het ijskoude water was het er vaak erg druk. Klappertandend stond je in je kippenvel daar dan te genieten. De oude onderbroek die dienst deed als zwembroek liep langzaam tot je knieën vol met wat me maar beeklimonade zullen noemen. Want in mijn herinnering gingen er maar weinig kinderen het water uit om tegen een boom of achter een struik een plas te doen. Meestal was er wel een fles prikkellimonade meegenomen en als je mazzel had waren er ook Smith- potato chips. Dan moest je wel eerst het zout vinden, dat in een klein blauw zakje altijd aan de andere kant van de zak verstopt was. Soms gingen we vanuit de Vijzeltraat met onze buren bosbessen plukken in de bossen langs de Geertjesweg. Ook op de fiets gingen we naar de Nude om kersen te halen. Om dat in de Betuwe te doen was nog spannender. Dan ging het over de pont naar Herveld. Daar midden tussen de kersenboomgaarden woonden mijn opa en oma. Opa 'zat in de kersen' zoals dat genoemd werd. Hoenderiken vol frisse meikersen of 'Duitsers' kregen we mee naar Wageningen. Vlak na de oorlog smaakten die laatsten minder lekker.
Soms gingen we als bermtoeristen auto's kijken op het Hazenpad (A12). Dat was toen een geweldige belevenis. De tijden waren anders... je was er gelukkig mee.

reageer als eerste
Meer berichten




Shopbox