
Klein drama in Wagenings Binnenveld
20 mei 2024 om 18:51 OverigWAGENINGEN Afgelopen week waren een aantal wandelaars op de Slagsteeg in Wageningen getuige van een klein drama wat zich daar aan het afspelen was. Mannen met felgekleurde jassen, buks over de schouder, die samen met honden (die eveneens felgekleurde vesten aanhadden), verbonden aan een lange oranje lijn in alle vroegte de vers gemaaide weilanden inliepen. Wat was daar aan de hand?
We zitten momenteel volop in de periode dat de boeren hun graslanden maaien, zo ook die maandagavond op een paar percelen in het Binnenveld. Voor jager Harry Lamers, die als derde generatie jager actief is met het faunabeheer in het gebied grenzend aan de bebouwde kom van Wageningen, zijn dat momenten dat hij ook in het veld te vinden is. Erg trots is hij als hij ziet hoe de laatste jaren de wildstand in zijn jachtveld fors is toegenomen. Elke wandelaar die daar loopt zal kunnen beamen wat een plezier het is om daar jaarrond de vele fazanten, hazen, patrijzen, eenden en weidevogels te kunnen zien rondscharrelen. “Ook het aantal reeën in het gebied is de laatste jaren spectaculair toegenomen”, aldus Harry. Maar door die toename ontstaan er ook steeds vaker conflictsituaties. Als er meer reeën in een gebied leven waar ook mensen actief zijn, is een toename in het aantal ontmoetingen tussen mens en dier onvermijdelijk. Zo ook op die bewuste maandagavond. Een van de reeën die in het gebied huizen, kon helaas niet meer tijdig wegkomen voor de naderende maaimachine en kreeg nog net een flinke tik van het apparaat mee. Vanaf de weg was te zien hoe een mank lopende ree bij de machine wegliep en een stuk verderop bij een slootkantje weer ging liggen. Bij benadering en een verdere bestudering van het ree, bleek inderdaad dat een van de achterpoten van het onfortuinlijke dier de ontmoeting met de maaimachine niet had overleefd en vrijwel volledig afgebroken was. Je kon het bot duidelijk zien zitten en het onderste gedeelte van de poot hing alleen nog met een strookje huid vast aan de ree. Een vreselijk naar gezicht en de pijn die het dier moet hebben ervaren is niet voor te stellen. In dergelijke gevallen is bij wilde dieren bijna altijd de enige juiste oplossing het dier zo snel mogelijk uit zijn of haar lijden te verlossen. Andere oplossingen zijn meer ingegeven vanuit de menselijke emotie. Begrijpelijk, maar voor het dier zelf, wat altijd vrij heeft kunnen rondlopen en ongehinderd natuurlijk gedrag heeft kunnen vertonen, niet altijd het beste. Ook in de vrije natuur zouden dergelijke dieren als eerste ten prooi vallen of zichzelf ergens verstoppen en daar dan een zeer langzame en pijnlijke dood sterven. Dan liever het lijden zo snel mogelijk stoppen door het onfortuinlijke dier af te schieten.
Ook hier was de keuze dus duidelijk en werd snel thuis het wapen opgehaald. Na terugkomst bleek het arme dier toch verder gestrompeld te zijn. Een plekje met bloed, in jagerstermen ‘zweet’ genoemd, liet zien waar het even gelegen had. Er is nog gezocht in omgeving, maar het dier kon op dat moment door de intredende duisternis helaas al niet meer worden teruggevonden. Dan is het zaak de omgeving ook met rust te laten, zodat het gewonde dier ook niet verder opgejaagd wordt, maar rustig in de nabije omgeving een plekje vind waar het blijft liggen. Harry vervolgt: “Weer thuis hebben we direct contact gezocht met een zogenaamd zweethondenteam, de bewuste mannen met de oranje jassen en honden aan lange oranje lijnen. Dit zijn gespecialiseerde mensen met honden met een zeer scherpe neus die getraind zijn om de geursporen, die gewonde dieren achterlaten, uit te lopen en zo deze dieren terug te vinden.” Die zijn direct de volgende ochtend te plaatste gekomen en hebben hun zweethonden ingezet. Vanaf de weg was duidelijk te zien hoe de hond met de neus aan de grond precies het spoor uitliep waarop ze de ree hadden zien strompelen. Via de plek waar het even had gelegen ging het in een rechte lijn door richting een perceel gras wat nog niet gemaaid was. Vlak bij de rand van dit grasperceel konden ze de gewonde ree in dat gras zien liggen. Het arme dier was een paar meter de wei in gelopen en daar meteen weer gaan liggen. Het kon al niet meer overeind komen en ook voor de ervaren mannen van het zweethonden team was het duidelijk. Een schot uit de meegenomen buks maakte snel een eind aan het lijden van dit arme dier.
Jager Harry vervolgt: “Helaas zijn dit soort ongevallen nooit helemaal uit te sluiten. Met de toenemende hoeveelheid reeën in dit gebied, zien we helaas ook een toenemende hoeveelheid ongelukken. Met landbouwvoertuigen, maar ook aanrijdingen met personenauto’s. Niet alleen reeën, maar ook andere wilde dieren zijn daar in toenemende mate slachtoffer van. Bijkomend en ingrijpend nadeel daarvan is dat alle dieren hier slachtoffer van kunnen worden, dus bijvoorbeeld ook ouderdieren die daardoor hun jongen verweesd achterlaten.” “Gelukkig had deze ree nog geen jongen, anders was het drama helemaal niet te overzien geweest”, aldus Harry. Het is daarom ook zaak de populaties wilde dieren goed in de gaten te blijven houden en als er vastgesteld wordt dat populaties te groot worden, bijvoorbeeld doordat er in een bepaald gebied steeds meer aanrijdingen plaatsvinden of bijvoorbeeld schade aan landbouwgewassen aan het toenemen is, er ook ingegrepen wordt om dergelijke conflicten zoveel mogelijk te beperken. “In het geval van de reeën in dit gebied houden we dat voor heel de Gelderse vallei in de gaten middels jaarrond wildtellingen. Dit wordt onderling gecoördineerd door onze WildBeheerEenheid “De Vallei” en op provinciaal niveau door de FaunaBeheereenheid Gelderland. Zo weten we altijd wat er in ons gebied zit. Als daaruit blijkt dat ingrijpen nodig is, kunnen we heel selectief op de juiste momenten de juiste dieren uit de populatie nemen. Zonder dus dat je bijvoorbeeld met verweesde jongen blijft zitten.
“Maar als jagers in dit gebied zijnde is dat bij lange na niet het enige wat we doen”, vervolgt Harry. “We zitten nu ook volop in de periode dat de reeën hun jongen krijgen. Deze kalfjes worden door het moederdier, de geit, veelal in het hoge gras gelegd, waar ze zich roerloos ophouden totdat ze ‘s nachts weer gezoogd worden door de geit die altijd ergens in de nabije omgeving de boel in de gaten houdt”. Maaiverlies is helaas een veel voorkomende doodsoorzaak onder de pasgeboren reekalfjes. Vorig jaar hebben ze daarom alle weilanden de avond voor het maaien goed afgezocht en er ook stokken met linten in geplaatst, zodat de geit ‘s nachts haar kalfjes zou verplaatsen naar rustiger weilanden. Dit jaar hebben ze met hun Wildbeheereenheid kunnen regelen dat er iemand komt met een drone, met daaronder een warmtebeeldcamera. Die kan vanuit de lucht op zoek gaan naar warmtebronnen in het te maaien grasperceel. Zo vinden ze niet alleen reekalfjes, die ze dan op tijd kunnen verplaatsen naar veiliger plekjes, maar kunnen ze ook nesten markeren van weidevogels. “Mooi en ongelooflijk dankbaar werk om zo het hele jaar in je jachtveld actief te zijn. En dan als natuurlijke beloning voor deze inzet ook nog eens heerlijk en 100 procent duurzaam en biologisch vlees op je bord te kunnen brengen, is natuurlijk helemaal de spreekwoordelijke kers op de taart”, sluit Harry af.










